Casus rente
Sector: automotive
Een handelsonderneming in vrachtwagens heeft destijds voor haar werkkapitaal financiering een renteswap afgesloten met een vaste rente van 3,82% exclusief kredietopslag. Ten opzichte van de huidige 1-maands Euribor-rente van 0,12% is dat een zeer stevige rente en de ondernemer wil kijken of het mogelijk is de rentelasten omlaag te brengen. De onderneming loopt goed en ze zijn zeer solvabel. De kosten om van de bestaande renteswap af te komen, de huidige negatieve marktwaarde, vergelijkbaar met een boeterente bij het vervroegd aflossen van een gewone lening, is ca. € 1,7 miljoen.
Details
Hoofdsom: € 9.900.000
Product: renteswap 3,82% (exclusief opslagen)
Looptijd: 9 jaar
Marktwaarde: -/- € 1.700.000
Advies
Het verlengen van de looptijd van de renteswap met een hogere hoofdsom, waarmee je de rentelasten uitsmeert over een langere periode, is geen optie voor de onderneming. Dit is uitstellen van de lasten en een dergelijke constructie brengt langer lopende verplichtingen met zich mee richting de bank die de onderneming kan beperken in haar financiële bewegingsvrijheid. Het enige alternatief om de rentelasten blijvend omlaag te brengen is het afwikkelen van de bestaande renteswap tegen betaling van de negatieve marktwaarde.
De onderneming betaalt op haar bestaande rekening-courantfaciliteit 1-maands Euribor plus een opslag. Er is nog genoeg ruimte om de afkoopsom van de renteswap van € 1,7 miljoen te financieren. Dit betekent dat bij een afwikkeling van de renteswap de rentelast voor de onderneming op de bestaande lening (met renteswap) met 3,70% omlaag gaat. Dit is het verschil tussen de bestaande rentelast van 3,82% en de huidige 1-maands Euribor-rente van 0,12% (exclusief opslagen). Daar tegenover staat een extra schuld van € 1,7 miljoen waarover de ondernemer op dit moment 0,12% plus opslag betaalt.
Daarnaast is het renterisico, het risico dat de Euribor-rente stijgt en zo ook de lasten van de onderneming, nu weer volledig open. Berekend wordt wat het break-even-punt is. Op dat punt gaat de onderneming in de nieuwe situatie hogere rentelasten betalen dan voorheen. Daarnaast wordt meegenomen wat voor het bedrijf nog acceptabele rentelasten zijn.
Dit break-even-punt blijkt voor de onderneming op ca. 3,50% te liggen. Dit betekent dat de Euribor-rente mag stijgen tot 3,50% voordat het de onderneming onacceptabele rentelasten oplevert. Om het risico af te dekken koopt de onderneming, na door ons gevoerde onderhandelingen, voor een hoofdsom van € 10 miljoen voor € 160,000 een rentecap. Het niveau van de rentecap is 3,00% voor een looptijd van 7 jaar. De te betalen premie is een extra rentelast van 0,25% die met worden meegenomen in de berekeningen. Daarmee is niet het risico gedekt van de € 1,7 miljoen van de rekening- courantfaciliteit. Maar omdat de onderneming verwacht dat bedrag grotendeels binnen 5 jaar te hebben afgelost is het renterisico beperkt.
Gezien de verwachting dat deEuribor-rente nog een vrij lange periode laag zal blijven is het het terugverdien scenario zeer gunstig. Op jaarbasis is de totale besparing ca. € 310.000. De eerste jaren gebruikt de onderneming deze besparing om de extra trekking van € 1,7 miljoen op de rekening-courantfaciliteit omlaag te brengen. Binnen een aantal jaar zijn de rentelasten veel lager dan dat ze nu zijn. En mocht de Euribor-rente toch onverwachts hard stijgen dan heeft de onderneming met een rentecap het risico sterk beperkt. In het vervolg wordt het renterisicomanagement twee maal per jaar geëvalueerd.
Heeft u nog vragen naar aanleiding van de case neem dan contact op met uw kantoor of direct met de afdeling Corporate Finance.