De minister van Financiën heeft onlangs een wetsvoorstel ingediend om de Nederlandse btw-wetgeving met ingang van 1 januari 2011 te wijzigen. Hierdoor is het niet meer mogelijk om de btw op kosten met betrekking tot een woon/werkpand of vakantiehuis volledig en onmiddellijk in aftrek te brengen.
Onder de huidige regelgeving kan een ondernemer een onroerende zaak volledig tot zijn bedrijfsvermogen bestemmen als hij de onroerende zaak voor zowel bedrijfsdoeleinden als voor privédoeleinden gebruikt. De ondernemer kan de btw op kosten ter zake van de aanschaf van de onroerende zaak in het jaar van verwerving in aftrek brengen. Tegenover deze algehele en onmiddellijke aftrek staat wel een btw-heffing over het privégebruik van het pand. Voor de berekening van de heffing over dit privégebruik wordt aangesloten bij de herzieningsregels voor onroerende zaken. De in aftrek gebrachte btw voor het privé-deel wordt nu dus nog in tien jaar terugbetaald, wat een financieringsvoordeel oplevert.
De nieuwe bepaling introduceert een verplichte beperking van het recht op aftrek van voorbelasting ter grootte van het privégebruik. De btw over de uitgaven in verband met een tot het bedrijfsvermogen behorende onroerende zaak (zoals aanschaffings-, onderhouds- en renovatiekosten) kan slechts aftrekbaar zijn naar evenredigheid van het gebruik van de zaak voor bedrijfsdoeleinden. Het financieringsvoordeel vervalt hierdoor. De correctie van de aftrek in verband met eventuele wijzigingen in het bedrijfs- en privégebruik geschiedt conform de reeds bestaande regeling voor de herrekening en herziening van de aftrek voor onroerende zaken.
Voor woon/werkpanden en vakantiewoningen waarop de btw volledig in aftrek is gebracht en die vóór 1 januari 2011 in gebruik worden genomen, blijft de huidige regeling van toepassing. Voor lopende bouwprojecten waarbij de ingebruikname staat gepland na 1 januari 2011 lijkt het doek te vallen. Wij verwachten dat het wetsvoorstel eind dit jaar zal worden aangenomen per 1 januari 2011.*
* Het voorgaande is gebaseerd op onze interpretatie van wet- en regelgeving, jurisprudentie en vakliteratuur. Het is een zeer algemene weergave die niet onverkort op alle specifieke situaties van toepassing hoeft te zijn. Er dienen daarom geen handelingen naar aanleiding van deze berichtgeving te worden verricht zonder voorafgaand de BTW Adviesgroep te raadplegen.