Vrije keuze werkgever om arbeidsovereenkomst na 2 jaar arbeidsongeschiktheid op te zeggen of (slapend) te laten voortbestaan

Geplaatst op

Werkgevers kunnen ervoor kiezen om een arbeidsovereenkomst van een langdurig arbeidsongeschikte medewerker in stand te houden, omdat dat voordeliger kan zijn dan het betalen van de verplichte transitievergoeding bij ontslag. Uit de beschikking van het Gerechtshof Den Haag (14 oktober 2016) blijkt dat het de werkgever namelijk vrij staat om de arbeidsovereenkomst van een langdurig arbeidsongeschikte medewerker (slapend) in stand te laten, ook als de reden daarvoor is gelegen in het feit om de transitievergoeding niet te hoeven betalen.

Ons advies is om per arbeidsongeschikte medewerker te oordelen of het in stand houden van het slapende dienstverband opweegt tegen het verschuldigd zijn van een transitievergoeding. De keuze voor het laten voortduren van de arbeidsovereenkomst is overigens niet zonder verplichting. Als een medewerker onverwacht alsnog herstelt, bent u verplicht tot re-integratie-inspanningen.

Ontkomen aan transitievergoeding

Op 4 april 2016 deed de kantonrechter in Den Haag uitspraak over de vraag of het slapend houden van een dienstverband om een transitievergoeding te voorkomen wel getuigt van goed werkgeverschap. In deze zaak verzocht een medewerkster aan de kantonrechter om de arbeidsovereenkomst te ontbinden onder toekenning van een
transitievergoeding.

Volgens de medewerkster handelt de werkgever ernstig verwijtbaar, omdat hij op deze manier probeert te ontkomen aan de betaling van een transitievergoeding. Volgens de werkgever rust er op hem geen enkele verplichting om de arbeidsovereenkomst na twee jaar arbeidsongeschiktheid te (moeten) beëindigen.

Ontbinding arbeidsovereenkomst

De kantonrechter wijst het verzoek van de medewerkster af en gaat niet over tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst. De medewerkster gaat in hoger beroep en verzoekt om vernietiging van de beschikking van de kantonrechter. En ontbinding van de arbeidsovereenkomst met veroordeling van werkgever tot betaling van een transitievergoeding.

Keuzevrijheid werkgever

Het hof Den Haag oordeelt dat een werkgever keuze-/beleidsvrijheid heeft om de arbeidsovereenkomst van een werknemer, die meer dan twee jaar arbeidsongeschikt is, te ontbinden. Het hof stelt dat daartoe geen wettelijke verplichting, toepasselijke cao-bepaling of ongeschreven rechtsregel bestaat. Het slapend laten voortbestaan van de arbeidsovereenkomst om te ontkomen aan het betalen van de transitievergoeding is volgens het hof niet ongeoorloofd. Het hof gaat wel over tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst, omdat de medewerkster niet ‘gevangen gehouden kan worden’ in een nutteloos geworden arbeidsovereenkomst. Echter zonder toekenning van transitievergoeding of billijke vergoeding. De medewerkster verzocht zelf om ontslag en het handelen van de werkgever kan niet worden geduid als ernstig verwijtbaar handelen (noch wanprestatie).

Vergelijkbare uitspraken

De beschikking van het Hof lijkt in lijn met drie eerdere, vergelijkbare uitspraken van kantonrechters (21 oktober 2015, 6 november 2015 en 2 december 2015). Ook in die uitspraken werd geoordeeld dat de werkgever niet verplicht is een dienstverband te beëindigen bij langdurige arbeidsongeschiktheid.

Neem in geval van vragen contact op met een van de arbeidsrechtjuristen van Baker Tilly Berk Employment Advisory.

back to top